maandag 2 november 2009

O jee

Tijm leert praten. Op zich al niet makkelijk, maar hij moet het ook nog eens in twee talen doen. Thuis spreken we Nederlands, op de crèche Engels. Dat mag de pret niet drukken, hij lijkt het allebei keurig te verstaan. Als dat in zijn straatje past wel te verstaan.

De evolutie van zijn woordenschat geeft een mooie afspiegeling van wat er belangrijk is in de wereld van Tijm. Het eerste woord, baby gebrabbel daargelaten, is ‘mama’. Heel goed, mijn moederhart voelt zich gestreeld. Daarna volgt gelukkig meteen ‘papa’. Opa en oma zijn allebei ‘baba’. Het volgende woord dat duidelijk te onderscheiden is, is ‘baby’. Dat is mama’s dikke buik, daar zit de baby immers in.

Tot dusver nogal voorspelbaar. Wat zou er nu volgen? Omdat Tijm’s leven in dit stadium voor een groot deel lijkt te draaien om het al dan niet verkrijgen van eten verwachten we iets in die categorie. Maar nee, het volgende woord is ‘shoe’. Op z’n engels dus. Hoe vaak we het ook voorzeggen, de Nederlandse g krijgen we er niet in. Niet alleen het woord maar ook het object zelf krijgt zijn uitgebreide belangstelling. Zijn eigen blauwe gympies, maar nog liever de roze met de hoge hakken van mama.
Daarna volgen als snel de woorden ‘bad’, ‘bal’, ‘doe’ (douche) en ‘toto’ (auto). Weten we meteen waar zijn prioriteiten liggen.

Het engelse ‘more’ komt ook al snel om de hoek kijken, de eerste verwijzing naar eten. Hij wil er meer van. Al snel volgen ‘appel’, ‘banaan’, ‘koekoe’ (koekje), ‘toast’ (brood) en niet te vergeten de favorieten ‘ijs’ en ‘kaas’. Met een slissend sj. Alles waar nog geen woord voor is wordt ‘die’. Waarbij hij heel hard moet wijzen, anders begrijpt niemand hem. Dat ze hem soms nog steeds niet begrijpen geeft veel frustratie. Dan schieten woorden tekort en gaat de sirene aan. De Engelsen hebben hiervoor een goede uitdrukking, ‘terrible two’s’. In het Nederlands zo mooi peuterpuberteit gedoopt. Dat hij nog lang geen twee is maakt niet uit, het schijnt al heel vroeg te beginnen en je kunt alleen maar hopen dat het voorbij is voor de echte puberteit zich aandient.

Ook ‘O jee’ is een veel gebruikte uitdrukking. Het spelletje hierbij is de bal in de struiken gooien en dan verbouwereerd ‘O jee’ blijven roepen, net zolang tot iemand hem er voor je uit haalt. Op de crèche gebruiken ze de engelse variant, ‘Oh dear’. Visualiseer maar eens negen engelse kindertjes en een Nederlands jongetje in een kringetje. Eentje laat zijn toast vallen, en de hele groep roept uit: ‘Oh dear!’ Bij het weggaan wordt er beleefd en netjes gezwaaid, ‘Bye bye!’. Na al dit aandoenlijks vergeven we hem die engelse ‘g’ weer!

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen